Benauwd en dan – deel 2

Als hulpverlener kun je te maken krijgen met mensen die erg benauwd zijn. Er kunnen meerdere redenen zijn voor het optreden van benauwdheid. In de vorige aflevering van Hulpverlener magazine zijn een aantal mogelijke oorzaken van benauwdheid besproken; allergie, astma, COPD. Dit artikel gaat verder in op de vraag: hoe voelt het om zo benauwd te zijn? Wat kan ik als hulpverlener doen om te helpen? Welke houdingen kan een slachtoffer aannemen om zich comfortabeler te voelen en de benauwdheid beter op te vangen?

We hebben allemaal wel eens gehoord dat een astma- aanval voelt als ademen door een rietje. Maar wat betekent dat precies? Om te ervaren hoe dit werkelijk voelt zou je de volgende oefening kunnen doen:

Stap 1:

  • Stop een drinkrietje (zon lang rietje met een buigbaar uiteinde) in je mond. Adem vanaf dit moment in door de neus en (het belangrijkst) alleen nog maar UIT door het rietje. Probeer niet te smokkelen door toch door de neus uit te ademen. De ademhaling moet tijdens alle stappen van de oefening op deze manier volgehouden worden.
  • Ervaar eerst een minuut of twee hoe deze manier van ademen voelt in rust.
  • Vervolgens wil ik je vragen om, nog steeds alleen uitademend door het rietje, flink in te gaan spannen. Het maakt niet uit hoe: rennen, traplopen, .als je maar voelt dat je moe wordt of tekort aan lucht krijgt. Op dat moment stop je met de inspanning, maar het rietje hou je in de mond.

Stap 2:

  • Probeer de benauwdheid op te vangen (uitademend door het rietje, en niet door de neus) zonder het rietje uit de mond te halen. Doe dit op de manier die je zelf wilt. Heb je het gevoel dat je weer goed bij adem bent, ga dan door met stap 3.

Stap 3:

  • Ga weer, met het rietje nog steeds in de mond, flink inspannen zoals hierboven beschreven. Probeer weer een zelfde mate van inspanning te halen.
  • Stop op het moment dat je de benauwdheid of vermoeidheid, weer voelt opkomen. Hou het rietje in de mond.

Stap 4:

  • Probeer, terwijl je door het rietje uit blijft ademen, nu de benauwdheid op te vangen met een van de volgende houdingen:
  • Zittend op een stoel, licht voorovergebogen met de onderarmen gesteund op de bovenbenen.
  • Staand, romp voorover gebogen. De handen steunend op de bovenbenen of gebogen knieën.
  • Zittend voor een tafel, romp voorover gebogen. De onderarmen steunen op de tafel. Probeer hierbij ook eens om minder diep in te ademen en langdu rig uit te ademen.

Is de benauwdheid weer goed onder controle, ga dan verder met stap 5.

Stap 5:

  • Ga weer flink inspannen tot de vermoeidheid of benauwdheid duidelijk voelbaar is.
  • Probeer de benauwdheid nu als volgt op te vangen:
  • Zittend op een stoel, volledig rechtop of iets naar achter leunend.
  • Rechtop staand tegen de muur.
  • Plat op de rug op de grond liggend.

Als je alle stappen hebt doorlopen, heb je als het goed is een aantal dingen ervaren:

  • Het onvoldoende uit kunnen ademen geeft een heel naar gevoel van benauwdheid, mogelijk ook angst of paniek. De kans is groot dat sommigen van jullie toch hebben gesmokkeld door via de neus uit te ademen, of misschien zelfs het rietje helemaal uit de mond hebben gehaald. Mogelijk hebben enkele van jullie bij stap 3 ook minder hevig ingespannen, of zijn eerder gestopt met inspannen, om je inmiddels had ervaren hoe naar het gevoel van benauwdheid is.
  • Het opvangen van de benauwdheid met het rietje in de mond lukte uiteindelijk misschien wel, maar vergt zeer veel concentratie en de noodzaak in jezelf te keren.
  • Je zult ervaren hebben dat de voorovergebogen houdingen, met de armen ondersteund, het over het algemeen makkelijker maken om de benauwdheid op te vangen. De houdingen waarbij je rechtop zit of staat of plat op de rug ligt maken het over het algemeen juist lastiger en kunnen het gevoel van benauwdheid juist vergroten.
  • Wanneer je bij stap 4 hebt geprobeerd minder diep in te ademen, met kleinere hapjes lucht, zul je hebben gemerkt dat dit een positief effect heeft op het gevoel van benauwdheid.

 

Een aantal van deze punten verdienen nog wat toelichting.

 

Het gevoel van benauwdheid wat optreedt, staat niet altijd in verband met een tekort aan zuurstof. Het kan zijn dat mensen daadwerkelijk zuurstoftekort hebben, maar dit hoeft niet. Het gevoel van benauwdheid treedt ook op als gevolg van de obstructie. Doordat het uitademen niet goed mogelijk is zijn mensen keihard aan het werk om toch te kunnen ademen. Het gevolg hiervan is dat de ademhalingsspieren vermoeid raken. Dit kan een gevoel van benauwdheid geven, terwijl er mogelijk nog voldoende zuurstof in de longen en in het bloed komt. Dit neemt niet weg dat er ook gevallen zijn waarbij een astma-aanval levensbedreigend is; afgelopen jaar zijn er in Nederland 25 mensen overleden aan een astma-aanval.

 

Zoals je hebt gemerkt kost het opvangen van benauwdheid veel concentratie en de noodzaak in jezelf te keren. Bij je hulpverlening zou je hier rekening mee kunnen houden door mensen ook deze mogelijkheid te geven. Je zou bij je slachtoffer kunnen blijven , tegen hem kunnen blijven praten maar ook aangeven dat hij geen reactie hoeft te zeggen. In een van de onderzochte boeken op gebied van EHBO staat een afbeelding van een hulpverlener die een benauwd slachtoffer gerust stelt door een arm om haar heen te slaan. Bedenk eens voor jezelf of je dit prettig zou hebben gevonden op het moment dat je erg benauwd was tijdens de oefening. De houdingen die je hebt uitgeprobeerd om de benauwdheid op te vangen zou je kunnen voorstellen aan je slachtoffer. Dus: staan of zitten met de romp wat voorovergebogen, armen gesteund op bovenbenen of knieën. In deze houdingen worden de ademhalingsspieren, die keihard aan het werk zijn, het meest ontlast. Dit heeft een gunstig effect op het gevoel van benauwdheid. Maar onthou ook dat geen mens gelijk is; als een slachtoffer zelf een houding heeft gevonden die hij prettig vindt en waarin hij de benauwdheid op kan vangen, probeer dan niet hem te dwingen dit te veranderen. Bovendien is het lastig om mensen tijdens een aanval iets nieuws aan te leren (denk aan de concentratie die nodig was om de benauwdheid op te vangen). Zoals in het eerste artikel werd beschreven gaan mensen met een astma-aanval of COPD zichzelf ‘opblazen’ doordat de hoeveelheid ingeademde lucht bij elke ademteug groter is dan wat zij bij een uitademing uit kunnen ademen. Hierdoor wordt het gevoel van benauwdheid groter. Bij de techniek van het inademen met kleinere hapjes lucht probeer je het volume inademingslucht te verkleinen. Hierdoor zal het ‘opblazen’ minder worden, hetgeen een gunstig effect heeft op de benauwdheid van het slachtoffer.

 

Hopelijk heeft bovenstaande wat inzicht gegeven in hoe astma/COPD voelt en wat voor houdingen goed kunnen werken om mensen te ondersteunen.

 

Margreet Nederhoed

Instructeur EHBO

Fysiotherapeut

 

Related posts