Bloed en eerste hulp  

Bij het verlenen van eerste hulp kan de hulpverlener in contact komen met bloed, braaksel, urine, ontlasting en andere lichaamsvloeistoffen van het slachtoffer. Er is dan een kans op besmetting met overdraagbare aandoeningen. Die kans is, zeker als de juiste hygiënische maatregelen worden genomen, gelukkig heel klein tot verwaarloosbaar.  

In de lichaamsvloeistoffen van een slachtoffer kunnen zich ziekteverwekkers bevinden. Deze stoffen kunnen bij het verlenen van hulp overgebracht worden. Als de ziektekiem, virus of parasiet ons lichaam binnendringt spreken we van een besmetting. Een infectie ontstaat als deze ziekteverwekkers zich vermenigvuldigen. Het lichaam zal bij verspreiding van deze stoffen antistoffen gaan aanmaken. Dit proces heet ontsteking en volgt vaak op een infectie. Die infectie kan plaatselijk zijn, zoals een ontsteking van haarzakjes in de huid, of het hele lichaam betreffen, zoals bijvoorbeeld bij griep.  

B e s m e t t i n g i s overal

Besmetting kan overal plaatsvinden. We komen elkaar tegen bij de supermarkt, in de bus, op school en op het werk. Ziektekiemen kunnen overgebracht worden door praten, zoenen, niezen, hoesten, maar ook door gewoon elkaar een hand te geven. De Nederlandse Reanimatie Raad raadt bijvoorbeeld verkouden mensen aan te hoesten en te niezen in de holte van je elleboog in plaats van in de hand, om op deze manier besmetting zoveel mogelijk te voorkomen.

Voor de eerstehulpverlener is bloedcontact iets wat hij zoveel mogelijk moet proberen te vermijden. Hoewel besmet bloed meestal geen gevaar vormt als het op een intacte huid komt, is de kans om besmet te raken bij het verlenen van hulp aan slachtoffers met open wonden wel degelijk aanwezig, namelijk als de hulpverlener zelf een wond heeft en er bloed-bloedcontact kan ontstaan. Bij dit bloed-bloedcontact kan een grote verscheidenheid aan ziekteverwekkers worden overgedragen. Gelukkig vormt niet elke besmetting een bedreiging voor de eerstehulpverlener. Sommige ziekten die door ziekteverwekkers veroorzaakt worden zijn vaak al in de kinderjaren doorgemaakt waardoor immuniteit is opgebouwd. Veel mensen zijn bovendien tegen diverse infectieziekten ingeënt.

Als eerstehulpverlener kunt u te maken krijgen met een slachtoffer dat een gevaarlijke besmettelijke ziekte onder de leden heeft. Denk hierbij bijvoorbeeld aan hepatitis B of C (leverontsteking, geelzucht) of een HlV-infectie. Helaas is dit aan de buitenkant niet altijd te zien. Hepatitis is veel besmettelijker dan HIV. Tegen HIV bestaat helaas nog geen vaccin, in tegenstelling tot hepatitis B. H IV en het hepatitisvirus zijn via bloed of sperma (seksueel contact) overdraagbaar. Ze worden absoluut niet overgedragen door normaal dagelijks contact. Niet door huidcontact, zoenen of door hoesten of niezen. Niet via tranen of zweet. En ook niet door gemeenschappelijk gebruik van servies, bestek, beddengoed of toiletbezoek.

Ondanks dat de kans op besmetting tijdens de hulpverlening klein is, is het toch zinvol een goede hygiëne in acht te nemen. Het gebruik van middelen om je te beschermen is niet verplicht maar wordt sterk aangeraden. Voordat je de hulpverlening begint, zou het ideaal zijn eerst te starten met het met water en zeep wassen van je handen. Eventueel daarna een handdesinfectiemiddel gebruiken. Doe ringen en armbanden af. Hieronder kan vuil aanwezig zijn.

Het gebruik van een pocket-mask of beademingsdoekje geeft bescherming tegen besmettelijke aandoeningen bij de reanimatie. Er zijn enkele rapporten over de overdracht van tuberculose en SARS, een overdracht van H IV is nooit beschreven.  

H a n d s c h o e n e n a an

Het dragen van handschoenen geeft bescherming bij contact met lichaamsvloeistoffen van een slachtoffer. Voor diegenen die worden ingezet bij evenementen of met risicogroepen zoals drugsgebruikers in contact komen, is het dragen van handschoenen geen overbodige luxe. Elke koffer die een lid van een afdeling meeneemt bij het hulpverlening moet zijn voorzien van handschoenen! Is dat niet het geval, vraag er dan om. Was ook na de hulpverlening je handen voor je eigen veiligheid en die van de mensen om je heen. Heb je geen hulpmiddelen bij je? Start altijd de hulpverlening. Vind je het risico op besmetting te groot, dan kun je, zoals Het Oranje Kruis aangeeft in hun folder Eerste Hulp en Infectieziekten, afzien van het verlenen van eerste hulp. De hulpverlener zelf maakt deze keuze en draagt hiervoor zelf de verantwoording.

Let wel: het wetboek van Strafrecht, Artikel 255 zegt: “Hij die opzettelijk iemand tot wiens onderhoud, verpleging of verzorging hij krachtens wet of overeenkomst verplicht is, in een hulpeloze toestand brengt of laat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.” Artikel 450 zegt verder: “Hij die, getuige van het ogenblikkelijk levensgevaar waarin een ander verkeert, nalaat deze die hulp te verlenen of te verschaffen die hij hem, zonder gevaar voor zichzelf of anderen redelijkerwijs te kunnen duchten, verlenen of verschaffen kan, wordt, indien de dood van de hulpbehoevende volgt, gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.” Aangezien de kans op besmetting zeer klein is hoeft dit normaal gesproken levensreddende hulp niet te belemmeren.  

Nazorg; c o n t r o le

Hulpverleners die tijdens het helpen van een slachtoffer in contact zijn gekomen met bloed van een slachtoffer of die slachtoffers hebben beademd die bloed in de mond hadden, kunnen contact opnemen met hun huisarts of met de afdeling Infectieziekten van de GGD. Er wordt dan gekeken of er een risico op besmetting met het hepatitisvirus of H IV bestaat. Belangrijk hierbij is te weten onder welke omstandigheden dit bloed-bloedcontact heeft plaatsgevonden, de hoeveelheden bloed waarmee je in aanraking bent gekomen en hoe diep de verwondingen zijn van jou en/of van het slachtoffer. Ook wordt gekeken welke vaccinaties je al eerder hebt gehad. Afhankelijk van de bevindingen wordt een behandeling gestart. In geval van twijfel of onzekerheid betreffende een besmetting geldt: raadpleeg een arts!

Zie ook de folder ‘Eerste Hulp en Infectieziekten’ van Het Oranje Kruis.  

Marion v a n d e n Hurk  

I n s t r u c t e u r E e r s t e Hulp  

 

Voor actuele informatie: RIVM.nl

Related posts