Rampoefening leert samenwerken  

Brand op de fietsboot ! Een aanrijding! Hulpverleners in Soest kwamen onmiddellijk in actie bij deze rampoefening. Wat is de rol van vrijwillige eerste hulp – verleners? En wanneer dragen zij hun werk over aan de brandweer en de ambulance?

Veel afdelingen van de KNV-EHBO organiseren regelmatig trainingen en soms zelfs grootschalige rampoefeningen. Vaak gebeurt dit in samenwerking met andere vrijwillige- of beroepshulpverleningsdiensten zoals Brandweer of GGD. Dinsdag 21 mei was een gezamenlijke oefenavond gepland door de Brandweer Soest en Soesterberg, de duikploeg van de Brandweer Bunschoten en de KNV-EHBO afdeling Soest een gezamenlijke oefenavond gepland. Het doel: leren hulpverlenen bij een ongeval waar meerdere slachtoffers bij betrokken waren en het op de juiste manier met beroepshulpverleningsdiensten samenwerken. Wat is de plaats van de vrijwillige eerstehulpverlener, wat mag hij doen en wat kan hij beter laten? Wanneer en hoe draagt hij over aan brandweer en/of ambulance? Hoe wordt er gealarmeerd, welke informatie moet worden doorgegeven?  

I n t e r e s s a n t s c e n a r io

 Het scenario van deze avond was interessant: de fietsboot Amersfoort – Eemmeer was onderweg voor een onderhoudsvaart. Net voorbij de fietsbrug ging er iets mis. Er ontstond brand in de motorruimte terwijl de onderhoudsmonteur daar aan het werk was. Een steekvlam zorgde ervoor dat zijn kleding in brand vloog. De kapitein van de boot stuurde direct naar de dichtstbijzijnde aanlegsteiger, die aan de Verlengde Hooiweg in Soest, terwijl hij intussen alarm sloeg. Op de boot bevonden zich naast de monteur en de kapitein nog vier vrijwilligers van de vaardienst die mee gingen om, indien nodig, direct hun handen uit de mouwen te steken voor verder onderhoud aan de boot.

Tijdens de vaart, net voor de problemen ontstonden, werd een onderhoudsmonteur aan wal gebeld met het verzoek met spoed een missend onderdeel te komen brengen. Deze monteur reed met gepaste haast richting de steiger waar de boot hem zou opvangen. Helaas raakte zij (jazeker, een vrouwelijke monteur) op een dichtbij gelegen kruispunt betrokken bij een aanrijding met twee auto’s van ramptoeristen, die door hadden dat er op de boot iets aan de hand was, en een auto waarin een fotograaf zat die het ongeval op de gevoelige plaat wilde gaan vastleggen. Twee ongevalsplaatsen tegelijk, vlak bij elkaar.  

H e r s e n s c h u d d i n g , g e k n e u s d e enkel

 Omdat zijn kleding vlam had gevat was de monteur die zich op de boot bevond in het water gesprongen. De vier andere aanwezigen liepen diverse verwondingen op. Hersenschudding, rookinhalatie, gekneusde enkel en natuurlijk brandwonden. Eén van de slachtoffers aan dek was flink in paniek. De kapitein bleef wonder boven wonder ongedeerd! Op het nabijgelegen kruispunt lagen de drie betrokken auto’s op de kop. De fotograaf, die geen gordel om had gehad, lag in zijn auto met een flinke hoofdwond. De bestuurster van een van de andere auto’s had inwendig letsel en raakte langzaam maar zeker in shock. De bestuurster van de derde auto had gelukkig weinig letsel maar was flink in paniek en het lukte haar niet zelfstandig de auto te verlaten.

Het geluk bij dit ongeluk was dat de plaatselijk KNV EHBO-verenging Soest juist deze avond een fietsuitje organiseerde door de Soester polder en toevallig op dit ongeval stuitte. De eerstehulpverleners waren dus als eerste ter plaatse! Als goede hulpverleners hadden zij natuurlijk wat verbandmaterialen bij zich voor als er zich onderweg problemen zouden voordoen. Dat bleek nu heel praktisch. Een deel van de groep ontfermde zich direct over de verkeerslachtoffers op het kruispunt. Deze slachtoffers werden aangesproken, gerustgesteld en voor zover mogelijk geholpen. Het uit de wrakken halen werd keurig overgelaten aan de beroepshulpverlening.  

E e r s t het k r u i s p u n t , d a n d e boot

 Hoe groot de verleiding voor andere groep hulpverleners ook was om gelijk het schip te betreden en de slachtoffers te gaan helpen, ze belden eerst het alarmnummer 112 en vroegen om ambulance en brandweer. Het duurde even voordat de brandweer bij de boot arriveerde; deze zag toen ze aankwamen het ongeval op het kruispunt en besloot daar eerst hulp te gaan verlenen. Er werden extra wagens opgeroepen die daarna doorgezonden werden naar de boot.

Bij de steiger werden de slachtoffers door de brandweer van boord gehaald en daarna keurig overgedragen aan de eerstehulpverleners. Weg van de rampplaats werd de ernst van de verwondingen bepaald. Er werd voor gezorgd dat slachtoffers niet onderkoeld raakten (het waaide en regende bij een voor de lente veel te lage temperatuur) en hun wonden en letsels werden  behandeld. De ‘overdracht aan de ambulanceverpleegkundige’ op beide ongevalsplekken vond na de meldingen en behandelingen plaats. Was een slachtoffer behandeld en kon er niets meer gedaan worden door de eerstehulpverleners, dan werd er ‘afgetikt’, fictief werden de slachtoffers overgedragen aan de ambulancemedewerkers. Hiervoor was een verpleegkundige aanwezig die alle hulpverleners en hun slachtoffers beoordeelde. De GGD was niet betrokken bij deze oefening.

Helaas voor de monteur die overboord gesprongen was werd aan de verkeerde kant van de boot naar hem gezocht. Pas toen hij niet te vinden was werd nagevraagd waar hij precies te water was gegaan. Snel daarna kwam hij boven water. En werd hij gereanimeerd. Wat naar de mening van velen niet meer zou baten. Later op de avond vond de evaluatie van brandweer en eerstehulpverleners plaats. Iedereen was blij zich binnenshuis te kunnen opwarmen. De oefening was door de betrokken organisaties prima voorbereid! De leermomenten werden doorgesproken waarna er voor iedereen een drankje en een hapje klaar stond. Oefening geslaagd!  

Marion v a n d e n Hurk  

I n s t r u c t e u r E e r s t e Hulp

Related posts