Juridische aspecten van hulpverlening  

Wanneer bent u vanuit juridisch oogpunt verplicht om hulp te verlenen? Bent u aansprakelijk voor schade die het slachtoffer heeft geleden? Mogen er zomaar foto’s van u worden gemaakt als u hulp verleent? Op deze en andere interessante vragen voor EHBO’ers wordt hieronder antwoord gegeven.

De meesten zullen de zin “is er een arts in de zaal?” weleens gehoord hebben. Het is immers algemeen bekend dat artsen verplicht zijn om mensen in nood te helpen. Ook in hun vrije tijd. Maar hoe zit dat als er geen arts in de buurt is? Zijn burgers ook verplicht om hulp in noodsituaties te verlenen?  

Het antwoord op deze vraag luidt: meestal wel. Als u nalaat om hulp te verlenen aan iemand in levensgevaar en deze persoon vervolgens overlijdt dan kunt u namelijk worden veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf of een geldboete. Een belangrijke kanttekening die hierbij geplaatst moet worden, is dat u niet verplicht bent om hulp te verlenen als u uzelf of anderen daarmee in gevaar brengt. Denk bijvoorbeeld aan iemand die op het punt staat te verdrinken omdat hij in een sterke stroming terecht is gekomen. U hoeft deze persoon niet te helpen als u daarmee zelf ook een verdrinkingsdood riskeert. Maar de zaak verandert als er een bootje op de kant staat waarmee u het water op kunt varen en zo de persoon in kwestie zou kunnen helpen. Daarnaast kunt u ook strafrechtelijk worden veroordeeld als u iemand, voor wie u verantwoordelijk bent, opzettelijk in een hulpeloze toestand brengt of laat. Voorwaarde voor de strafbaarheid is wel dat u tot verzorging van deze persoon verplicht bent. Denk bijvoorbeeld aan een huisarts die verplicht is zijn patiënt te verzorgen en een ouder om zijn/haar kind te verzorgen. Zo werd een vader bijvoorbeeld strafrechtelijk veroordeeld omdat hij had nagelaten om passende medische zorg in te roepen terwijl de gezondheidstoestand van zijn kind ernstig verslechterde na de val van een trap.

 

Aansprakelijkheid  

Terwijl u hulp verleent aan het slachtoffer kan er in het heetst van de strijd schade ontstaan. Daarbij kun u denken aan materiële schade, zoals een kapotte ketting of bril van het slachtoffer, maar ook letselschade, zoals gekneusde ribben of een gebroken voet Een veel gehoorde vraag is of u als EHBO’er aansprakelijk bent voor schade die het slachtoffer heeft geleden door uw hulpverlening?  

Uitgangspunt is dat zolang de EHBO’er zorgvuldig te werk gaat en volgens de aangeleerde methodes en standaarden hulp verleent, weinig te vrezen zal hebben. De EHBO’er zal zich in de meeste situaties namelijk op zogenaamde rechtvaardigings- of schulduitsluitingsgronden kunnen beroepen.

 

Als het slachtoffer de gekneusde ribben bijvoorbeeld heeft opgelopen omdat de EHBO’er het slachtoffer (te hardhandig) heeft gereanimeerd is er sprake van overmacht. Door deze rechtvaardigingsgrond is de daad – het veroorzaken van kneuzingen – niet langer onrechtmatig en is de EHBO’er niet verplicht de schade van het slachtoffer te vergoeden. Mocht u als EHBO’er om de een of andere reden toch aansprakelijk worden gehouden, dan wordt de schade van het slachtoffer hoogstwaarschijnlijk vergoed door uw aansprakelijkheidsverzekering. Het Oranje Kruis, Rode Kruis en diverse koepelorganisaties hebben aansprakelijkheidsverzekeringen afgesloten voor diplomahouders of leden van aangesloten EHBO-verenigingen.

 

En dan nu de omgekeerde situatie.

Stel dat u een bewusteloze man met een bebloede arm op straat aantreft Het ziekenhuis is 200 meter van u verwijderd en u besluit om de man naar het ziekenhuis te rijden. Tijdens de rit komt er bloed van de man op de leren bekleding van uw auto. Kunt u deze schade vergoed krijgen?  

Afgezien van het feit dat de schade in dit geval wellicht op de autoverzekering kan worden verhaald, kunt u schade die u als gevolg van uw hulpverlening heeft geleden in sommige gevallen ook op het slachtoffer verhalen. Wanneer u zich namelijk op redelijke grond inlaat met de belangen van een ander, zonder hiertoe verplicht te zijn, is in juridische termen sprake van zaakwaarneming. De belanghebbende (in dit geval het slachtoffer) is op grond van de wet verplicht de schade te vergoeden van de zaakwaarnemer. Het gaat hierbij enkel om vergoeding van de redelijke kosten. Als de zaakwaarnemer onredelijke kosten heeft gemaakt, zijn deze dus wel voor zijn of haar eigen rekening.

Een voorbeeld dat hierbij vaak als uitgangspunt wordt genomen, is een persoon die een ander uit een brandend huis redt. Als de kleren van de hulpverlener tijdens deze reddingsactie kapot zijn gegaan, dan is het slachtoffer verplicht deze te vergoeden. Maar heeft de hulpverlener besloten om onnodig een dure Chanel tas mee het brandende huis in te nemen, dan hoeft deze waarschijnlijk niet vergoed te worden.

 

Foto en video-opnamen  

Het komt steeds vaker voor dat omstanders met hun mobiele telefoon foto’s en video’s maken van een ongeval en de daarbij betrokken personen. Vaak worden deze beelden direct via sociale media gedeeld. Maar mag iemand eigenlijk zomaar foto’s of video-opnamen maken van het slachtoffer en de EHBO’er?  

De Auteurswet kent aan ons allen een portretrecht toe. Dit betekent dat het niet is toegestaan een foto of video openbaar te maken waarop iemand herkenbaar is afgebeeld zolang een redelijk belang van de geportretteerde of, na zijn overlijden, van een nabestaande zich tegen de openbaarmaking verzet.

 

Een redelijk belang kan zijn de privacy/persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer of de hulpverlener. Daarbij zal zeker voor het slachtoffer gelden dat deze zich in een (uiterst) kwetsbare positie bevindt en zich dus relatief snel tegen openbaarmaking kan verzetten. Het uiteindelijke oordeel zal afhankelijk zijn van de feitelijke omstandigheden: de aard en intimiteit waarin de geportretteerde is afgebeeld, het karakter van de foto en de context van de publicatie.

 

Indien de foto of video beroepsmatig wordt gemaakt (voorbij de privésfeer) dan kan er ook een beroep worden gedaan op de Wet bescherming persoonsgegevens die dwingende regels bevat over de omgang met persoonsgegevens.

 

Informatie over het slachtoffer  

U verleent als EHBO’er hulp op een festival. Er komt een man binnen die zijn enkel heeft verzwikt en u legt een drukverband aan. Als u klaar bent met de behandeling noteert u wat de man mankeerde, alsmede zijn naam, leeftijd en contactgegevens. Maar mag u deze gegevens eigenlijk wel opslaan?  

Persoonsgegevens (naam, leeftijd en contactgegevens) mogen alleen worden verwerkt voor vooraf duidelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden. De vraag is dan ook waarvoor de EHBO’er in kwestie de persoonsgegevens precies gaat gebruiken. Daarbij komt nog dat de verwerking van persoonsgegevens gebaseerd moet zijn op een wettelijke grondslag. In de beschreven situatie is zo’n grondslag niet vanzelfsprekend aanwezig.

Bovendien geldt er een zeer strikt regime voor het opslaan van gezondheidsgegevens (verzwikte enkel). Gezondheidsgegevens mogen in beginsel helemaal niet worden opgeslagen, behoudens wettelijke uitzonderingen. Een uitzondering geldt bijvoorbeeld voor artsen die wettelijk verplicht zijn een medisch dossier in te richten. Maar deze plicht rust niet op EHBO’ers.

Als EHBO’er ben je in beginsel dus niet gerechtigd om persoonsgegevens van patiënten op te slaan. Dat neemt niet weg dat je wel geanonimiseerde gegevens kunt noteren, bijvoorbeeld, hoeveel patiënten er op een dag geholpen zijn en welke hulpmiddelen er allemaal zijn gebruikt, zodat je de volgende keer beter voorbereid naar het festival kunt gaan.

Nadat de EHBO’er het slachtoffer heeft overgedragen aan de professionele hulpverlener kan het prettig zijn te weten hoe het verder met het slachtoffer is gegaan. Dit kan gezonde belangstelling zijn of zelfs van belang zijn voor de EHBO’er om de geboden hulp te kunnen verwerken. Denk hierbij aan een ernstig verkeersongeluk, waarbij de aangetroffen situatie zeer heftig kan zijn geweest Maar heb je als EHBO’er eigenlijk recht om te weten hoe het met het slachtoffer gaat?

Professionele hulpverleners zijn verplicht tot geheimhouding. Dit staat zo in de wet. Ze zijn zelfs niet gehouden tot het afleggen van een getuigenis (verschoningsrecht). Dit alles wordt van belang geacht voor een goede, open relatie tussen patiënt en hulpverlener (individueel belang) en het functioneren van de gezondheidszorg in ons land als geheel (collectief belang).

Het is voor de EHBO’er slechts toegestaan om meer over de verdere behandeling te horen en de afloop daarvan als het slachtoffer daarvoor zelf toestemming heeft gegeven. Als het slachtoffer een kind is, moeten zijn wettelijke vertegenwoordigers deze toestemming geven. Dit laatste zullen veelal de ouders van het slachtoffer zijn. De wet spreekt in dat kader over uitdrukkelijke, vrije, specifieke en op informatie berustende toestemming. Deze toestemming zal dus achteraf moeten worden verkregen en niet in de hitte van de strijd als het slachtoffer nog acute hulp en medische zorg krijgt.

 

Conclusie  

Uit voorgaande vragen en antwoorden blijkt dat er op veel (juridische) vragen geen eenduidig antwoord is te geven. Vaak zal datgene wat je moet doen in een specifieke situatie afhangen van de ‘omstandigheden van het geval.’ Een zin die juristen niet voor niets zo vaak gebruiken. Wij hopen echter dat u met dit artikel toch iets beter weet waar u als EHBO’er aan toe bent.

 

Huub de Jong – advocaat gespecialiseerd in privacyrecht

Lisa Molenaars – advocaat gespecialiseerd in privacyrecht

Related posts