De Strategische Agenda, Continuïteit van de samenleving

Begin 2016 is de Handreiking ‘De Veiligheidsregio bij dreigende verstoring of uitval van vitale voorzieningen voor veiligheidsregio’s en vitale partners’ gereedgekomen. Via interregionale netwerken tussen de veiligheidsregio’s en vitale partners wordt geïnventariseerd aan welke landelijk onderwerpen behoefte is. Dit moet leiden tot een nationaal actieplan.

Op 16 mei 2014 stelde het Veiligheidsberaad de Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio’s 2014-2016 vast. Hierin zijn prioriteiten opgenomen voor de veiligheidsregio’s met als doel het tegengaan van maatschappelijke ontwrichting door crisis-en risicobeheersing te versterken. Hiervoor zijn zes projecten ingericht. Op 12 juni 2015 heeft het Veiligheidsberaad ingestemd met de uitvoering van deze zes projecten.

De opzet van de Strategische Agenda is om ons land fysiek veiliger te maken door middel van het versterken van Risico-en Crisisbeheersing. Er zijn zes prioriteiten vastgesteld die de samenwerking tussen de veligheidsre­gio’s, het rijk en de publieke private crisispartners moe­ten verbeteren. Per prioriteit is een project aangewezen. Drie daarvan worden uitgevoerd in samenwerking met de Minister van Veiligheid en justitie.

De projecten

De projecten water-en evacuatie, continuïteit van de samenleving en versterking risico-en crisisbeheersing en stralingsincidenten worden gezamenlijk uitgevoerd door de veiligheidsregio’s en het ministerie van Veiligheid en Justitie. De overige drie projecten, kwaliteit en vergelijk­baarheid, versterking bevolkingszorg en bovenregionale besluitvorming worden uitgevoerd door de veiligheidsregio’s.

Water en evacuatie

Een belangrijke prioriteit van de Strategische Agenda is hoe kunnen we ons land beveiligen tegen de alsmaar toenemende dreiging van over­stromingen met als gevolg de evacuatie van de overstroomde gebieden. Ons land wordt niet alleen bedreigd door het stijgende zeewater, maar ook door de steeds hoger wordende waterstan­den van onze rivieren bij extreme regenbuien. De rivieren in ons laagland dienen als afvoerkana­len voor het regenwater dat via de bergen van de omliggende landen wordt afgevoerd naar zee.

Drie teams voor dit project zijn bezig om deze prioriteit uit te werken, te weten:

  1. Informatie-uitwisseling. Er wordt gewerkt aan een voor alle betrokken water­partijen dataset voor het weergeven van eenduidige overstromingsmodellen;
  2. Handreiking risicoanalyse en evacuatiestrategie. De ‘Handreiking evacuatiestrategie’ heeft als doel om de veiligheidsregio’s te ondersteunen bij het bepalen van een evacuatiestrategie, op basis van de risico’s en bij de gevolgen van een (dreigende) overstroming. Een belang­rijke bijdrage hieraan wordt geleverd door het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV);
  3. Ontwikkelen van instrumenten ten behoeve van de samenredzaamheid. Er worden communicatie-instrumenten ontwikkeld die het bewustzijn voor overstromingen en evacuatie moe­ten vergroten. Dit wordt uitgewerkt in een handreiking en toolkit voor de veiligheidsregio’s. Belangrijk hierbij is wat burgers, bedrijven, organisaties en instanties in onze samenleving zelf moeten (kunnen) doen om hun eigen veiligheid te waarborgen.

Module Evacuatie en Grote Overstromingen

De hierboven genoemde samenredzaamheid is eerder uitgewerkt in de MEGO. Als een overstroming dreigt, kan de overheid niet iedereen in veiligheid brengen, maar wel kan zij handvatten bieden zodat burgers en bedrijven voor hun eigen veiligheid kunnen zorgen. Als burgers zich bij een eventuele evacuatie zoveel mogelijk zelf kunnen redden (horizontaal en verticaal evacueren), en als bedrijven bijtijds voorzorgsmaatregelen nemen om hun belangen te beschermen, kan het aantal slachtoffers en de omvang van de schade worden beperkt.

Continuïteit van de samenleving

Begin 2016 is de Handreiking ‘De Veiligheidsregio bij dreigende verstoring of uitval van vitale voorzieningen’ voor veiligheidsregio’s en vitale partners gereed gekomen. Via interregionale netwerken tussen veiligheidsregio’s en vitale partners wordt geïnventariseerd welke behoefte er is om landelijk onderwerpen op te pakken. Hierbij gaat het over de nutsvoorzieningen, zoals gas, water, elektriciteit en telecommunicatie. Een foute gedachte is dat bij uitval de nutsbedrijven altijd een leveringsplicht hebben. Dit geldt alleen voor de waterleidingbedrijven. Zij moeten zorgen dat na een· ramp de levering van schoon drinkwater zo snel mo­gelijk weer op gang komt. Dat mag provisorisch zijn, zoals via tankwagens of tijdelijke tappunten.

Burgers, bedrijven, instellingen en organisaties zullen zelf initiatieven moeten nemen om in noodsituaties zoveel mogelijk zelfverzorgend te zijn. Dit kan bijvoorbeeld door te zorgen voor noodstroom, eigen watertanks, noodvoed­selpakketten, afspraken maken met omwonenden en ver­voersmaatschappijen als scholen of zorginstellingen moeten evacueren.

Voor de bedrijfshulpverleningsorganisaties geldt: schenk ook voldoende aandacht aan externe bedreigingen in de Rl&E. Grote klimaatveranderingen en terrorisme zijn een aspect die meegewogen moeten worden in het bedrijfsnoodplan.

 

Meer informatie is na te lezen via www.strategische-agenda.nl