Eerste hulp bij dieren en mensen

De telefoon gaat en Willem neemt op: “Goedemorgen Dierenambulance Almere en Zeewolde, met Willem.” Aan de andere kant klinkt een opgewonden stem. E r is een dier in nood en een meneer heeft gebeld om hulp te vragen. ” E r zit een hond met een ketting aan een paal gebonden. Kunnen jullie komen helpen? Het arme dier zit te rillen van de kou.”

Voor Willem, die al sinds drie jaar als vrijwilliger de meldkamer van de dierenambulance bemant, is het dagelijkse kost. Hij geeft de gegevens door aan de bemanning, chauffeur en bijrijder, van de ambulance en die rijden onmiddellijk uit om assistentie te verlenen aan het dier in nood. Zij rijden niet alleen voor huisdieren die hulp nodig hebben omdat ze aangereden of verdwaald zijn, maar ook voor wilde dieren die in de problemen gekomen zijn. In het voorjaar bijvoorbeeld, is de ambulance dagelijks op weg om jonge vogeltjes die uit het nest gevallen zijn, naar het vogelhospitaal te brengen. Daarnaast kunnen ook eigenaren van huisdieren een beroep doen op de dierenambulance, bijvoorbeeld als ze met hun dier naar de dierenarts moeten en zelf geen vervoer kunnen regelen. De vrijwilligers van de dierenambulance steken graag een helpende hand toe. Wie wel eens een bezoek heeft gebracht aan de meldkamer ambulance, politie of brandweer zal in de meldkamer van de dierenambulance wel even de ogen uitkijken. Waar in de ‘mensenmeldkamers’ professionele, betaalde krachten werken, draaien de dierenmeldkamers en dierenambulances geheel op vrijwilligers. 24 uur per dag, zeven dagen in de week, staan meldkamer en bemanning klaar om hulp te verlenen, ‘s Avonds en ‘s nachts werken ze meestal vanuit huis, maar de telefoon wordt aangenomen en de ambulance rijdt, ook midden in de nacht! Goed opgeleide vrijwilligers, met een groot hart voor dieren, geven met liefde een deel van hun vrije tijd op om een helpende hand toe te steken waar dat maar nodig is.

Het is iets om boos over te worden.
De hond, waarover de melding binnenkwam, staat te rillen in het gras langs de kant van de weg. Het is koud, het regent een beetje en de hond is koud, hongerig en dorstig. Het is een grote hond, maar Christa en Elly, chauffeur en bijrijder van vandaag, gaan er zonder aarzelingen op af. Het dier kwispelt vriendelijk en als Elly haar een hondenkoekje aanbiedt, begint ze te watertanden. Het is iets om heel boos over te worden, zo’n dier vastgebonden aan een paal, maar Christa zegt relativerend: “In ieder geval hebben ze de hond vastgebonden op een plek waar ze gauw gevonden zou worden. Aan een boom, diep in het bos, waar het wel eens heel lang kan duren voordat de hond gevonden wordt, is nog veel erger.”

Zonder problemen gaat de hond even later mee de ambulance in en er wordt een melding gedaan naar de meldkamer. Die geeft aan dat de hond naar het asiel gebracht kan worden. Op de vloer van de ambulance wordt een antislipmatje gelegd, zodat de hond niet heen en weer glibbert tijdens de rit en even later gaat de ambulance op weg. Elly is achterin gaan zitten en praat tegen de hond die zienderogen kalmeert. Even later wordt het dier afgeleverd bij het asiel, waar haar een warm hok, eten en drinken wacht en waar men zeker zal proberen de eigenaar op te sporen.

Vrijwilligers met de juiste kennis en vaardigheden
Willem, Elly en Christa zijn alledrie vrijwilligers bij de Stichting Dierenambulance Almere en Zeewolde. De stichting is geheel afhankelijk van giften en van het werk van vrijwilligers. Elly doet het werk al meer dan twaalf jaar en de andere twee iets korter. Passie voor dieren hebben ze alledrie. Er is wel iets meer dan alleen dierenliefde nodig om dit werk te kunnen doen. Je moet ook aardig wat kennis en vaardigheden vergaren voordat je de meldkamer kunt bemannen of als chauffeur of bijrijder op de ambulancedienst kunt doen. Over het algemeen draai je eerst zes maanden mee als aspirant en in die tijd kun je de verschillende modules volgen zoals dieren-EHBO en -verzorging, juist invullen van de verschillende formulieren, weten waar je assistentie kunt vragen en nog heel veel meer. Daarnaast moeten de chauffeurs ieder jaar een rijtest afleggen!

Hulp voor mens en dier
Als er een dier in nood is, is er heel vaak ook een mens bij betrokken. Een hond of een kat die aangereden is, zorgt maar al te vaak voor veel verdriet bij het baasje. Een weggelopen of verdwaalde hond roept veel emoties op bij de eigenaar. Iemand die een ree heeft aangereden, zal ook met de nodige emotie bellen. Als medewerker van de dierenambulance moet je wel met al deze emoties kunnen omgaan. Elly herinnert zich nog een jongetje waarvan de poes was aangereden en overleden. De ouders wilden hun kind graag de gelegenheid geven om afscheid te nemen van zijn kameraadje en Elly zorgde ervoor dat de poes er netjes uitzag, zodat het kind rustig afscheid kon nemen. Toen hij het dier zag, zei het jongetje: “Mama, kijk, het lijkt net of hij slaapt!” Dit maakte dat Elly zich realiseerde hoe belangrijk het is voor een heleboel mensen om goed afscheid te kunnen nemen van hun huisdier dat plotseling overleden is. Gaandeweg leerde zij technieken om een beschadigd dier weer toonbaar te maken en nu is er een aantal mensen die doodgereden dieren weer opknappen, het bloed afwassen, waar nodig verbinden en zorgen dat ze er netjes uitzien. Bij de meldkamer is een kamertje ingericht waar de overleden hond of kat op een kussen neergelegd wordt en de baasjes de gelegenheid krijgen om in alle rust afscheid te nemen. Dat dit mensen goed doet, blijkt wel uit het gastenboek waarin vele bedankjes staan aan de vrijwilligers van de dierenambulance. De betrokkenheid van de vrijwilligers strekt zich ook uit naar mensen. Immers, ze worden ook opgeroepen als er een ongeval heeft plaatsgevonden, waarbij niet alleen dieren maar ook mensen betrokken zijn. Daarom is iedere vrijwilliger ook in het bezit van een BLS-diploma, zodat zij niet alleen dieren, maar ook mensen kunnen reanimeren en de AED kunnen bedienen. Door hun professionele uitstraling worden medewerkers van de dierenambulance vaak voor medische hulpverleners aangezien en daarom vindt men het belangrijk om ook hulp te kunnen verlenen aan mensen in levensgevaar.

Is dieren-EHBO wezenlijk anders dan eerste hulp aan mensen?
De basale anatomie en fysiologie van huisdieren is niet zo heel erg anders dan die van mensen. We hebben allemaal, mensen en dieren, een bloedsomloop, een spijsverteringsstelsel, een zenuwstelsel enzovoort. Maar ja, wat is een normale ademhaling bij een cavia en wat is de normale lichaamstemperatuur van de hond? Waar zit het hart bij een slang? Hoewel je met je kennis van de humane EHBO en met gezond verstand een heel eind zal komen bij het verlenen van eerste hulp aan dieren, zijn er toch duidelijke verschillen. Hierdoor kun je met je algemene EHBO-kennis toch vaak met de handen in het haar zitten als het om een dier gaat dat hulp nodig heeft.

Regel I van onze eerste hulp ‘let op gevaar’ geldt bij het hulpverlenen aan dieren nog eens zo sterk. Immers, een dier dat bang is, zal gauw geneigd zijn te vluchten of uit te halen naar de hand die hem wordt toegestoken. Het dier weet niet dat jij gekomen bent om het te helpen en zal zich vaak verdedigen. Een patiënt die gevaar oplevert voor zijn hulpverlener is, als het gaat om dieren, geen uitzondering. Vergis je niet als het gaat om de grootte van het dier. Ook kleine diertjes kunnen aardig uit de hoek komen. Een gewond meerkoetje heeft scherpe klauwtjes en snavel en zal bovendien proberen het water in te vluchten zodat de hulpverlener niet meer bij hem kan komen. Beter is in zo’n geval de dierenambulance te bellen en het verlenen van hulp over te laten aan goed opgeleide mensen met verstand van zaken.

Mens in nood? Handel zoals je dat geleerd hebt in je EHBO-cursus. Dier in nood? Bel de dierenambulance!

Oproep: de dierenambulance Almere en Zeewolde zou graag de beschikking hebben over een eigen AED, zodat ze ook mensen nog sneller en beter kunnen helpen. Zou je er een willen doneren, neem dan contact op met de redactie.

Els Knaapen, instructeur eerste hulp

Related posts