Efficiënte bedrijfshulpverleningsorganisatie Reiner de Graafziekenhuis

Het in 2015 nieuw opgeleverde Reinier de Graafziekenhuis in Delft is, gemeten aan de hand van de criteria die MVO Nederland hanteert, op dit moment het meest duurzame ziekenhuis van Nederland.

Nieuwbouw
In de nieuwbouw is gebruikgemaakt van de laatste bouwkundige en installatietechnische inzichten om het energieverbruik dat nodig is voor verwarming, koeling en verlichting tot vrijwel nul te reduceren. Ook op het gebied van brandveiligheid is gebruikgemaakt van alle nieuwe vindingen, zoals de in het gehele gebouw aanwezige watermistinstallatie. Hierdoor zijn de risico’s voor patiënten, personeel en bezoekers tot een minimum beperkt.

Reinier de Graaf
Reinier de Graaf (1641 -1673) verrichtte met nieuwe, experimentele methoden onderzoek naar de vrouwelijke geslachtsorganen en de voortplanting. Hij was bijvoorbeeld de eerste die de menselijke eicel waarnam. De functie van de eileider legde de arts ook vast, evenals de weg die de eicel aflegt van de eierstok naar de baarmoeder.

Historie
Tot ver in de twintigste eeuw was het Oude en Nieuwe Gasthuis het gemeentelijk ziekenhuis van Delft. Onder invloed van de verzuiling waren een eeuw eerder ook twee christelijke ziekenhuizen tot stand gekomen: het katholieke Sint-Hippolytus ziekenhuis en het protestantse Bethel ziekenhuis. Vanaf 1966 werkte de Stichting Samenwerking Delftse Ziekenhuizen aan integratie van de drie instellingen. Na een aantal verhuizingen leidde dat in 1982 tot een fusie van de organisaties en kreeg het de naam Reiner de Graaf, genoemd naar de Delftse geneesheer en wetenschapper uit de zeventiende eeuw. Ook het nieuwe ziekenhuis is nog altijd gevestigd aan de Reinier de Graafweg in Delft. Interview met interne medewerkers BHV Het is heel inspirerend om kennis te maken met een gedreven Paul van den Brande, coördinator en instructeur Interne Hulpverlening en Brandveiligheid, die samen met zijn collega Kevin van Doesburg, medewerker en instructeur, verantwoordelijk is voor de interne hulpverleningsorganisatie (BHV) in het ziekenhuis. Een omvangrijke taak in een complex gebouw van 56.000 vierkante meter groot, bestaande uit zes etages met onder andere 475 bedden en 200 eenpersoonskamers, en, ook niet onbelangrijk voor de BHV, circa 2.300 binnendeuren. Een ander belangrijk aspect waar de interne hulpverlening mee te maken heeft, is dat overdag 1.200 medewerkers werkzaam zijn in het gebouw en verder ook nog 475 klinische patiënten, 800 poliklinische patiënten. Van deze indrukwekkende aantallen zijn er dan ook nog ongeveer 875 niet zelfredzaam.

Ontwerp
Het opvallend nieuwe ziekenhuiscomplex is verbonden met de omgeving. Het is een modern ontwerp met veel samenhang, korte onderlinge lijnen en verwijzingen naar de thuisstad Delft en de andere locaties van Reinier de Graaf. De vorm van het gebouw lijkt op de Esculaap (slang met staf), het oude Griekse symbool voor de geneeskunde. De vorm en het gebruik van veel glas zorgen voor veel uitzicht en daglicht. De open ruimten die ontstaan door de ‘slingervorm’ van het gebouw zijn ingericht als patio’s met groen.

Optimale patiëntenveiligheid
Bij het ontwerpen van de nieuwbouw is een veilig verblijfsklimaat voor patiënten, bezoekers en medewerkers een zeer belangrijke doelstelling geweest. Als gevolg daarvan is er ook gestreefd naar een optimale brandveiligheid. Dit vinden we onder andere terug in de rook- en brandwerende scheidingen van de compartimenten. Hoewel wettelijk de grens van 30 minuten is voorgeschreven, heeft het ziekenhuis zelfgekozen om materialen, voor de rook en brandwerende scheidingswanden te gebruiken met een vertragingstijd van 60 minuten. Iedere patiëntenkamer is subbrand gecompartimenteerd en is 30 minuten rook- en brandvertragend. De afdeling waar de operatiekamers zijn gevestigd, is weer gecompartimenteerd voor 60 minuten en ook de verkoeverkamer is apart gecompartimenteerd. Omdat het trappenhuis niet hoger is dan 19,2 meter is er geen overdruk. Als er rook is in het trappenhuis, blijft het daar hangen. In het trappenhuis is wel een standaard droge blusleiding aanwezig met een drie-duims aansluiting. Verder zijn alle ruimtes voorzien van rook- en/of thermische melders en alle deuren van de patiëntenkamers zijn zelfsluitend door middel van deurdrangers.

Watermistsysteem
Om een hoge graad van brandveiligheid te bereiken, heeft het Reinier de Graafziekenhuis met volle overtuiging gekozen voor het innovatieve watermistsysteem. Bij brand komen minuscule (micro)waterdruppels vrij die de brand bestrijden terwijl elektrische apparatuur onbeschadigd blijft. Paul van de Brande vertelt dat in het nieuwe ziekenhuis duizenden watermistkopjes (nozzles) zitten. Het glaasje in zo’n kopje breekt op het moment dat de temperatuur in de ruimte oploopt t o t 57°C. Op dat moment zorgt de hoge druk voor een sissend geluid en verspreidt de watermist zich als een soort ochtenddauw door de gehele ruimte. In combinatie met de aanwezige rookmelders signaleert, bestrijdt en beheerst het watermistsysteem de brand totdat de bedrijfshulpverlening en brandweer ter plaatse zijn. De watermist kan de brand zeer efficiënt blussen en werkt uitermate effectief bij branden die zich snel ontwikkelen. Watermist wordt niet gebruikt in de ruimtes voor servers en dataopslag, traforuimtes, elektraruimtes, radiologie en de ruimtes waar MRI-apparaten aanwezig zijn. In de ruimtes voor in- en uitgifte van kleding treedt de watermistinstallatie pas in werking na een tweede melding. De werking van een watermistsysteem is gebaseerd op het enorm koelende vermogen van minuscule waterdruppels. Het verdampingsproces zorgt voor het verdringen van de aanwezige zuurstof, waardoor de vlammen verminderen. Het blussen verdrijft de schadelijke rookgassen en giftige gasdampen. Hiermee worden patiënten, bezoekers en medewerkers beschermd tegen inademing van giftige dampen. En doordat hogedruk waternevel geen elektriciteit geleidt, is de kans op beschadiging van elektrische apparatuur minimaal. En, ook belangrijk, de brandschade aan het gebouw en inventaris blijft zo beperkt.

Stroomuitval
Een ziekenhuis is volledig afhankelijk van een goed functionerende elektriciteitsvoorziening. Stroomuitval leidt niet alleen tot levensgevaarlijke situaties voor de patiënten, maar is ook funest voor alle facilitaire processen, zoals de watervoorziening, het uitvallen van alle medische apparatuur, de liften, computersystemen, keukenvoorzieningen en dergelijke. Om de problemen bij stroomuitval op te vangen, beschikt het ziekenhuis over drie noodstroomaggregaten van elk 600 ampère. Die kunnen bij stroomuitval binnen 15 seconden inschakelen en zijn in staat om alle stroomlevering voor zeven dagen over te nemen. Zij werken op diesel. Daartoe is in twee dieseltanks 35000 liter diesel opgeslagen.

Intern Hulpverleningsplan (BHV)
Hoewel het nieuwe ziekenhuis bouwkundig en installatietechnisch volgens de laatste stand van de techniek is beveiligd, is een goed Intern Hulpverleningsplan noodzakelijk om de veiligheid van patiënten, personeel en bezoekers conform artikel 15 lid 2 van de Arbowet te waarborgen. Paul van den Brande is trots op de interne veiligheidsorganisatie die mede door hem t o t stand is gekomen. Zoals hij zelf zegt: “Geen overbodige zaken, zo zijn er geen persluchtdragers meer, maar een praktische uitvoering met de nadruk op ontruimen.” De hulpverleningsorganisatie is volgens onderstaand organigram opgesteld.

Coördinator Interne Hulpverlening & Brandveiligheid

Ploegleider

Receptie/cockpit        Ontruimingscoördinator        Interne Hulpverleners

Ontruimingscoördinator

Paul van den Brande is als coördinator Interne Hulpverlening & Brandveiligheid verantwoordelijk voor de totale organisatie bestaande uit 75 personeelsleden. Omdat er 24 uur per dag iemand aanwezig moet zijn die bij een calamiteit de leiding kan nemen, zijn er 30 opgeleide ploegleiders. Het leidinggeven bij calamiteiten wordt hoofdzakelijk gedaan door personeelsleden van de beveiligingsdienst. De personeelsleden van deze dienst zijn allemaal in dienst van het ziekenhuis en zijn 24 uur per dag aanwezig. Door te kiezen voor deze constructie is er op ieder moment van de dag, avond en nacht altijd een ploegleider in dienst. De ploegleiders zijn belast met de totale coördinatie bij een calamiteit, en het spreekt vanzelf dat zij voor deze functie goed zijn opgeleid, maar ook getraind blijven. Alle calamiteitenmeldingen komen binnen bij de centrale receptie, die in de volksmond van het ziekenhuis meestal de cockpit wordt genoemd. De ploegleider stuurt ook de ontruimingscoördinator aan en de overige interne hulpverleners (BHV’ers).

Ontruimingscoördinatoren en -assistenten
Alle opgeleide verpleegkundigen en OK-assistenten zijn opgeleid t o t ontruimingscoördinator en geven leiding aan de ingezette ontruimingsassistenten bij een calamiteit. Alle personeelsleden, zoals verpleegkundigen, personeel van de administratieve diensten, technische dienst etc. zijn opgeleid als ontruimingsassistent. Dit betekent dat bij een calamiteit ieder personeelslid inzetbaar is om mee te helpen bij een ontruiming. De interne hulpverleners zijn er vooral voor het bestrijden van de calamiteit, zoals het proberen te blussen van een kleine brand, opvangen en begeleiden van de hulpdiensten, afzetten en veiligstellen van de afdeling waar de calamiteit plaatsvindt.

Afdelingen met een specifiek risico
In het ziekenhuis is een aantal afdelingen met een bijzonder risico, waaronder de operatiekamers, de intensive care, de nucleaire en radiotherapie en de neonatologie. Het personeel op deze afdelingen worden op maat getraind en er wordt regelmatig geoefend. Zij zijn breed opgeleid en getraind voor brand, ongevallen en ontruiming. De lesstof en protocollen zijn voor alle risicovolle afdelingen op maat ontwikkeld.

Opleiding en oefening
Als coördinator Interne Hulpverlening & Brandveiligheid is Paul van den Brande verantwoordelijk voor alle opleidingen, bijscholingen en oefeningen om de hulpverleningsorganisatie op peil te houden. Vanzelfsprekend zijn ook de externe hulpdiensten regelmatig als deelnemer bij de oefeningen aanwezig. Voor de opleidingen wordt gebruikgemaakt van de reguliere lesstof voor de BHV, aangevuld met de specifieke kennis die de ziekenhuisorganisatie met zich meebrengt. Voor iedere medewerker van het ziekenhuis is er een jaarlijks opleidings- en bijscholingsprogramma. De BHV-opleidingen en -bijscholingscursussen zijn hierin geïntegreerd. Op deze manier is dit goed geborgd en kan het in principe niet mogelijk zijn dat er wordt bezuinigd op de kwaliteit van de hulpverlening.

Holle Bolle Gijs
Om het vuilafvoer en de lozing van het afvalwater zoveel mogelijk te verminderen wordt gebruikgemaakt van een Pharmafilter. Dit is een soort Holle bolle Gijs, waarin bijna al het gebruikelijke huishoudelijk en medisch afval en afvalwater in terecht komt om vermalen te worden. Na allerlei chemische processen in een bioreactor blijft schoon water en biogas over dat warmte en energie oplevert voor hergebruik in het ziekenhuis.

Missie
Het Reinier de Graafziekenhuis streeft ernaar om in 2016 het meest verbonden ziekenhuis te zijn. Het wil actief verbinding leggen tussen medewerkers, patiënten, familieleden en andere ketenpartners. Verbondenheid moet leiden t o t betere zorg en snellere resultaten. Om dit te bereiken wordt de zorg georganiseerd rondom de patiënt. Dit moet leiden t o t meer efficiëntie, dus minder zorgkosten, een betere doorstroming en een uitstekende patiëntenveiligheid. Aan dit laatste kan een goed functionerende Interne hulpverleningsdienst een belangrijke bijdrage leveren. Aan de inzet van Paul van den Branden en zijn zeer gemotiveerde medewerkers is dit wel toevertrouwd. Een goede preventie kan veel calamiteiten voorkomen, maar alles uitsluiten is onmogelijk. Zal zich onverhoeds toch een calamiteit voordoen, dan kunnen patiënten, medewerkers en bezoekers er van verzekerd zijn dat zij alle hulp krijgen die op dat moment mogelijk is.

A. van Vliet (RHB)

Related posts