Multiculturele hulpverlening, ‘Een kwestie van respect’

EHBO-vrijwilligers worden ingezet bij verschillende evenementen, variërend van turntoernooien tot buurtfeesten, van Koninginnedag tot het Kwakoefestival. Ze­ker bij multiculturele feesten spreken niet alle bezoekers Nederlands en ontmoeten de EHBO-ers mensen met verschillende cultu­rele achtergronden. Hoe gaan ze daar mee om? Mevrouw Oudenaarden uit Rotterdam en mevrouw Van der Heide uit Amsterdam geven hun tips uit de praktijk. “Iedereen is welkom, dat is het uitgangspunt?’

Mevrouw Oudenaarden in Rotterdam regelt welke EH­BO-er ze naar welk evenement stuurt. Daarbij houdt ze rekening met voorkeuren van haar vrijwilligers: “Ie­mand die niet van sport houdt, stuur ik liever niet naar een voetbaltoernooi. Want dat wordt niks:’ Maar of iemand affiniteit heeft met niet-westerse culturen, daar houdt ze geen rekening mee. “Nee hoor, daar kunnen we niet aan beginnen. Als je werkt als hulpverlener, moet je met iedereen om kunnen gaan. Iedereen is mens, ongeacht uiterlijk, achtergrond of geaardheid:’ De rasechte Rotterdamse benadert iedereen zoals ze zelf benaderd wil worden: “Het is een kwestie van res­pect. Respect geven en respect krijgen.”

Liever een vrouw? Geen probleem!

Soms willen vrouwen niet geholpen worden door een mannelijke hulpverlener, ook niet als er acute nood is. Hoe lossen de EHBO-ers dat elegant op? “We zorgen dat er altijd zowel mannelijke als vrouwelijke hulp­verleners zijn;’ zegt mevrouw Van der Heide van de Amsterdamse EHBO. “Er zijn namelijk ook mannen die liever een mannelijke hulpverlener spreken. Geen probleem om daar rekening mee te houden. En bij een turnevenement, waar voornamelijk meisjes aan mee­doen, stuur ik het liefst een paar vrouwelijke

EHBO-ers. Dat is voor die meiden toch prettiger:’ Talen zijn soms een probleem, zegt mevrouw Van der Heiden. “Bij een frisbee-toernooi in de buurt, een behoorlijk multi-cultureel evenement, zoek ik EH­BO-vrijwilligers die meerdere talen spreken. Dat valt niet mee. Als we een aanvraag krijgen voor

EHBO-hulp op een evenement, dan inventariseer ik: hoeveel bezoekers worden er verwacht en hoeveel vrij­willigers zijn er dan nodig? Zijn er voorkeuren? Vaak lukt het prima om een goed team samen te stellen. Doordeweeks is het soms lastig, want de meeste vrij­willigers hebben een baan, maar verder kan ik iedereen overal inzetten:’

Aanschuiven aan tafel

Negatieve ervaringen? Daar zul je de EHBO-ers niet over horen. Mevrouw Oudenaarden voelde zich bui­tengewoon welkom tijdens de Dialoog Drie Daagse in de wijk Feijenoord, een multicultureel festival dat draait om gesprekken, muziek, theater, dans, eten en drinken. “Mensen schoven opzij en maakten plek voor me aan tafel, zodat ik met alle gasten kon mee-eten. Gezellig! Toen we bij de hulpverlening een tolk nodig hadden, greep een Turkse meneer meteen mijn arm.

Hij was buitengewoon behulpzaam, ging zelfs het verkeer regelen zodat we rustig konden werken:’ Ook Amsterdam pakt het zo aan: hebben ze een taalpro­bleem, dan zoeken ze snel een tolk in het publiek. “Dat is nooit een probleem, vaak zijn er genoeg mensen die willen helpen. We hebben altijd zo een contactpersoon gevonden:’

Sommige vrijwilligers voelen zich niet thuis in een multi-culti omgeving, merkte mevrouw Oudenaarden. “Een vrijwilliger zuchtte het hele weekend: het lijkt wel of ik in het buitenland zit. Dat vind ik zo’n domme opmerking! Ik heb gezegd dat ik nog goed ga naden­ken of ik hem bij een volgend evenement weer wil in – zetten. Je moet als EHBO-er toch met iedereen kunnen samenwerken:’

Talenkennis is nuttig

Wel kampen zowel de Amsterdamse als de Rotterdam­se EHBO-ers met hetzelfde probleem: te weinig EHBO-vrijwilligers met een multiculturele achter­grond. “We merken dat veel mensen de laatste tijd hun EHBO-diploma halen vanwege hun werk, of bijvoorbeeld voor de kinderen;’ vertelt mevrouw Van der Heide. “We moedigen iedereen aan om vooral lid te worden van de EHBO-vereniging en de nascho­lings-bijeenkomsten te volgen. En we vragen mensen nadrukkelijk of ze EHBO-vrijwilliger willen worden. Als ze hun talen spreken, is dat extra handig, want daar mankeert het nog wel eens aan bij onze vrijwilligers:’ Mevrouw Oudenaarde herkent het verhaal van de Am­sterdamse collega. “In verhouding hebben we weinig nieuwe Nederlanders als vrijwilliger. Ik zou ze graag bij het team willen voegen. Het uitgangspunt: iedereen is welkom!”

Related posts